HET BELANG VAN DE BIJENTEELT VOOR DE ONTWIKKELING
Duurzame bijenteelt is een belangrijk ontwikkelingsinstrument in plattelandsgebieden en met name in de minst ontwikkelde landen, omdat deze activiteit:
- zowel landloze armen buiten de stad als kleine tot middelgrote familieboerderijen met weinig kapitaal een inkomen kan bezorgen;
- uitzicht biedt op inkomen en dus op meer voedselzekerheid in marginale landbouwgebieden en in of rond beschermde natuurreservaten1 . Bovendien zorgt bijenteelt voor een cruciale aanvulling op het lokale voedselaanbod;
- geschikt is voor zowel mannen als vrouwen;
- aanzienlijke inkomsten uit handel en waardetoevoeging oplevert. Bijenteelt kan de plattelandsontwikkeling en de groei van kleine ondernemingen een impuls geven dankzij de vervaardiging van bijenteeltmateriaal (zoals korven, imkerspakken en honingslingers) en de verwerking van bijenteeltproducten (tot bijvoorbeeld honingdrank, kaarsen en cosmetica);
- de lokale gezondheidszorg duurzaam verrijkt met natuurlijke remedies (apitherapie) en supplementen (voedsel);
- de bestuiving stimuleert en zo voor meer en betere vruchten en zaden zorgt;
- de biodiversiteit in stand houdt en de natuurlijke habitats beschermt tegen de gevolgen van ruimtelijke ordening door bijvoorbeeld het kappen van bomen tegen te gaan waarop de bijen foerageren.
Gelet op de veelzijdige rol van bijenteelt en de cruciale positie van de honingbij in de voedselketen zou deze activiteit volwaardig deel uit moeten maken van de plattelandsontwikkelingsprogramma’s en -strategieën vanwege:
- het rechtstreekse voordeel ervan voor het menselijk welzijn (millenniumdoelstellingen 1 en 7 2 ), en;
- het gelijktijdige nut ervan voor het milieu in de vorm van bestuiving, bescherming van de bestuivers, behoud van de biodiversiteit en, onrechtstreeks, een geringer en verantwoorder pesticidegebruik dankzij een groter bewustzijn.
(Uittreksel uit het Memorandum dat goedgekeurd werd te Brussel op 26 maart 2010 naar aanleiding van het Internationaal Seminarie « Beekeeping and Development : Diversity of Initiatives and Interest for a Network »)
1 Honing en andere bijenproducten kunnen tot de niet-houtachtige bosproducten (NWFP - Non-Wood Forest Products) worden gerekend. Definitie van de FAO uit 1999: “Niet-houtachtige bosproducten zijn uit ander biologisch materiaal dan hout bestaande producten uit bossen, ander bebost land en bomen buiten het bos”.
2 Millenniumdoelstelling 1: Uitbannen van extreme armoede en honger; 7: Bescherming van een duurzaam leefmilieu; en, in mindere mate, 3: Gelijkwaardigheid tussen mannen en vrouwen; en 4: Verminderen van kindersterfte http://www.un.org/millenniumgoals